Het sociale aspect in energietransitie is belangrijk. Het is cruciaal om vertrouwen te hebben in de competenties, zelfstandigheid en het ondernemerschap van burgers. Dus voor andere partijen (dan deze burgers) ligt de focus op een begeleidende in plaats van leidende rol (het scheelt slechts vier letters, maar maakt een wereld van verschil) (Hoppe en Akker, 2014).

 

Achtergrond

Leren van Lochem: praktijkvoorbeeld van hoe lokaal bestuur vertrouwen schenkt aan de energieke samenleving
T. Hoppe en D. Akker (2014)
Link naar artikel

Hoppe en Akker wijzen op de nieuwe rol, die de (gemeentelijke) overheid ten opzichte van maatschappelijke partners moet innemen. Zij onderstrepen dat de gemeente (in de persoon van de wethouder en ambtenaren) niet zelf aan het stuur moet willen zitten, maar vooral burgers vertrouwen en ondersteuning moet schenken. Zonder overigens uit het oog te verliezen dat er bij tijd en wijle een steuntje in de rug nodig is. In Lochem is vertrouwen geschonken, maar gelijktijdig (op verschillende wijzen) ondersteuning geboden aan maatschappelijke partners en burgerinitiatieven.

Hoppe en Akker wijzen in dit opzicht vervolgens op de kracht en doorzettingsmacht van de betrokken bestuurder. In hun analyse van de Lochem-case, wijzen ze op de vele mogelijkheden, die de bestuurder tot zijn of haar beschikking heeft. Een wethouder die goed zicht heeft op het lokale krachtenveld en het gemeentelijke apparaat, is in staat om door op gezette tijden prudent ‘macht’ in te zetten, ruimte voor verandering te bewerkstellingen. Hoppe en Akker wijzen in dit opzicht op het feit dat iedere verandering inherent met zich meebrengt dat er sprake is van weerstanden (gevestigde belangen). En dat de machtsvraag (‘wie heeft het hier nu eigenlijk voor het zeggen?’) dan uiteraard ook speelt. Transities vergen (aldus Hoppe en Akker) het ‘slim en prudent om gaan met machtsdynamica’, door politiek te schakelen, behendig te manoeuvreren en ruimte en kansen te pakken wanneer die zich voordoen.